Verrassings loc 2021

Inmiddels is het een goede gewoonte dat Märklin en Trix in het najaar een Verrassings loc aankondigen en uitleveren.

Voor dit jaar is het een model van de Stoomlocomotief serie 02 in de groene kleurstelling van de VES-M (Halle)

Märklin 39027 € 599,00 / Trix 25027 € 599,00

Model: Met digitale decoder mfx+ en uitgebreide geluidsfuncties. Geregelde hoogvermogenaandrijving met vliegwiel in ketel. 3 aangedreven assen. Antislipbanden. Locomotief en tender grotendeels van metaal. Standaard ingebouwde rookset, met snelheidsafhankelijke, dynamische rookuitstoot. Met de rijrichting wisselend driepuntsfrontsein, in conventioneel bedrijf, digitaal schakelbaar. Bovendien kunnen aan de voorzijde van de loc twee rode lampen worden ingeschakeld. Machinistencabineverlichting en onderstelverlichting afzonderlijk digitaal schakelbaar. Verlichting met onderhoudsvrije warmwitte en rode ledlampjes. Door snelheid bekrachtigde kortkoppeling tussen loc en tender. Aan de tender een door snelheid bekrachtigde kortkoppeling met NEM-schacht. Kleinst berijdbare boogradius 360 mm. Voor grote radiussen of de vitrine wordt een verwisselbare bekleding zonder wieluitsparing onder de machinistencabine meegeleverd. Zuigerstangafschermingen en remslangen worden eveneens meegeleverd. Lengte over de buffers 27,2 cm.

Voorbeeld: Sneltrein-stoomlocomotief 02 0314-1 met oliestook en olietender van de Deutsche Bundesbahn (DDR). Ombouwversie als testlocomotief van VES-M Halle (Saale). Uitvoering met gereconstrueerde ketel en deelbekleding, op basis van stoomlocomotief 18 314 (voormalige Badische IVh). Met Witte-windleiplaten en inductieve treinzekering aan een zijde. In gebruik rond 1970/71. “De 18 314 (vanaf 1 juli 1970: 02 0314) is een unieke exemplaar van de Deutsche Reichsbahn (DR) van de DDR in de serie Badische Pacific-sneltreinlocomotieven uit serie “”IV h””, waarvan er door Maffei van 1918 tot 1920 in drie batches 20 exemplaren werden geleverd. Alle 20 locs werden door de DRG ingezet als 18 301-303, 18 311-319 en 18 321-328. Ze waren voorbestemd voor zwaar sneltreinverkeer, voornamelijk op de Rheintalbahn tussen Basel en Mannheim. Vanaf 1933 gingen de locs geleidelijk noordwaarts en werden ze kort ondergebracht in Darmstadt, Koblenz en Hamburg-Altona, tot ze uiteindelijk allemaal in Bremen een nieuw thuisstation vonden. Met uitzondering van de 18 326 kwamen alle locs ongeschonden uit de Tweede Wereldoorlog, maar werden als splinterserie al in 1948 uit dienst genomen. Alleen de 18 316, 319 en 323 bleven als proeflocs opgesteld bij BZA Minden. De 18 314 daarentegen werd op voorspraak van Max Baumberg ñ de latere leider van VES-M Halle ñ in april 1948 geruild tegen de in het oosten achtergebleven 18 434 (S 3/6) en ging naar de latere Deutsche Reichsbahn (DR) in de sovjetzone (vanaf 1949 DDR).Na een begin augustus 1948 afgeronde keuring in RAW Stendal werd hij in eerste instantie vanuit Stendal en vanaf april 1950 vanaf opstelterrein Dresden-Altstadt ingezet voor speciale treindiensten. Vanaf augustus 1950 volgde een langer verblijf in RAW Meiningen, om volgens planning te fungeren als testlocomotief voor Versuchs- und Entwicklungsstelle Maschinenwirtschaft in Halle (VES-M Halle). Voor zijn testtaken werd hij uitgerust met een Riggenbach-tegendrukrem en met een ruiltender van een Nordbahn-stoomlocomotief. In dienst van de VES-M legde de inmiddels met de bijnaam ìSchorschì aangeduide 18 314 tot 1959 jaarlijks tussen 18.000 en 57.000 km af. Eind jaren ë50 had de VES-M echter snellere locs nodig, om onder andere personenrijtuigen voor snelheden van 160 km/h overeenkomstig te kunnen testen. Maar zo snel rijdende locs waren er niet. Daarom moest nu ook de 18 314 worden aangepast om hogere snelheden te kunnen bereiken. Zo startte april 1960 in het kader van een keuring de ombouw van deze machine in RAW Zwickau. Hij kreeg een nieuwe, aangepaste verbrandingskamerketel type 39E, een nieuwe machinistencabine en een universele tender. Cilinder en ketelopbouw werden van een aerodynamische deelbekleding voorzien en er werden kleine, speciaal ontwikkelde windleiplaten gemonteerd. Tot slot werd hij getooid in groene lak met witte sierstreep. Zo reed in december 1960 een volledig nieuwe uitvoering van de 18 314 de RAW. De machine haalde nu een topsnelheid van 150 km/h. Tot 1967 legde hij jaarlijks zoín 76.000 km af, verbazingwekkend voor testloc maar ook niet echt verwonderlijk, omdat tussendoor ook geplande diensten als sneltreinloc werden gereden. Bij een laatste keuring in september 1967 werd de loc ook nog voorzien van oliestook, waardoor hij nog iets meer vermogen kreeg. Twee jaar lang werd hij regelmatig ingezet, waarna de inzet duidelijk terugliep. Vanaf 1 juli 1970 reed hij onder EDV-nummer 02 0314 nog enkele ritten, maar door een cilinderschade werd hij eind 1971 uit dienst genomen en op 1 augustus 1972 buiten bedrijf gesteld. In eerste instantie kwam hij onder de hoede van het Verkehrsmuseum Dresden, waarna hij op 25 mei 1984 werd overgenomen door de vereniging Historische Eisenbahn Frankfurt (HEF). Vanaf 1986 is hij in permanente bruikleen van de HEF een van de topstukken van het Auto- und Technikmuseum in Sinsheim.”

Levering gepland voor het 4e kwartaal 2021

 

Geplaatst op 29 september 2021 in Märklin door Johan


Copyright © 2014 - 2019 | Grootendorst Modeltreinen & Modelbouw

Open chat
Bereik ons via WhatsApp